Kwaliteitsjaarverslag

Functies bij deze pagina

  • Tekst normaalTekst groterTekst grootst
  • Home

  • Kwaliteitsjaarverslag

Subnavigatie

folders Utrecht2040

Kwaliteitsjaarverslag

 

Kwaliteitsjaarverslag

Missie en doelen geven duidelijke richting

In 2009 werkten we aan de thema’s uit het collegeprogramma: duurzaamheid, kwaliteit, toekomstgerichte aanpak en slagvaardige samenwerking. We zetten belangrijke, concrete stappen: we formuleerden een gezamenlijke missie en doelstellingen richting Utrecht 2040 en gingen nog efficiënter werken. Duurzaamheid stond daarbij voorop. En vanzelfsprekend waren onze partners zoals gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties voor alle thema’s onmisbaar.

‘Hoe maken we van Utrecht in 2040 een duurzame topregio? Die vraag staat centraal in onze strategie’, vertelt Herman Sietsma, provinciesecretaris.’ 

‘In 2009 kreeg onze strategie meer richting. We formuleerden onze missie en doelen. Dat deden we in nauwe samenspraak met onze partners. Want alleen samen kunnen we de duurzame topregio Utrecht vormgeven. De missie en de doelen zijn de leidraad geworden voor het bestuur en voor de ambtenaren. Dat is een unieke stap; tot nu toe bood alleen het coalitieakkoord beide onderdelen van de provincie houvast.’

Meer chemie en verbinding

‘Het college van Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten maken zich sterk voor Utrecht als duurzame topregio in 2040. Ze kunnen nu duidelijker en strakker sturen, en willen eerder beslissen. Dat kan, omdat de missie en doelen breed worden gedragen. Ook inhoudelijk bepalen de missie en doelen van Utrecht 2040 de kwaliteit van ons werk. Zo kiezen we er bewust voor om negatieve gevolgen van wonen, reizen en werken in onze provincie niet meer af te wentelen op andere generaties en andere gebieden. Wij houden onszelf verantwoordelijk voor die gevolgen en moeten ze dus voorkomen of beperken. En natuurlijk bepalen de missie en doelen de keuzes van beleidsafdelingen, zoals ruimte, economie en cultuur. Ik zie nu veel meer chemie en verbinding tussen de afdelingen; ze hebben hetzelfde perspectief. In 2010 zullen zij hun concrete doelen voor Utrecht 2040 formuleren, in onderlinge samenhang.’

Klimaatneutraal in 2015

‘Duurzaamheid is voor onze kwaliteit een sleutelwoord. 2015 is daarbij onze stip op de horizon, want dan willen we een klimaatneutrale organisatie zijn. Een belangrijke stap daarin is de aanstaande verhuizing naar ons nieuwe onderkomen: het Fortisgebouw in Rijnsweerd. Vanwege de duurzaamheid hebben we gekozen voor een bestaand gebouw. Dat gaan we het komend jaar zo energiezuinig mogelijk maken als mogelijk is; daar investeren we fors in. Begin 2012 verhuizen we. Voor ons als organisatie is die verhuizing een markeringsmoment: we houden onze manier van werken tegen het licht. Ook gaan we dan flexwerken. Dat past binnen Anders Werken. Anders Werken betekent voor ons effectiever, efficiënter en klantgerichter werken. Een proces waaraan we al een paar jaar met succes werken. Verder gaan we onze processen nog meer digitaliseren. Duurzaamheid troef dus.’

Afgebakend pakket

‘Een belangrijke ontwikkeling richting nog meer kwaliteit is het regieproductiemodel dat we hebben voorbereid. In 2010 gaan we daarmee aan de slag. Het is een model voor ondersteunende diensten zoals communicatie, personeelszaken en financiën. Zij brengen in kaart welk aanbod ze voor de rest van de organisatie in huis hebben. Dat doen ze in afstemming met hun afnemers, de andere afdelingen. Het regieproductiemodel verheldert zo de klant-leverancierrelatie en maakt het werk beheersbaar. Andere afdelingen kunnen uit een afgebakend pakket kiezen. Er komt dus meer standaardisatie, en dat werkt efficiënter. Forse winst is er ook in onze elektronische dienstverlening. Onze sterk interactieve website staat nu op nummer één in de provinciale top twaalf.’

Gekleurde werkelijkheid

‘Ten slotte willen we in 2010 sterker sturen op externe klachten en integraal beleid. Die moeten we allereerst helder krijgen. Zo zullen we externe partijen nadrukkelijker vragen naar hun ervaringen met onze organisatie. Van afdelingen vragen we dat ze eerder aangeven wanneer er inhoudelijke dilemma’s spelen. Bovendien moeten ambtelijke werkgroepen eerder signaleren waar potentiële problemen opdoemen. Maar volmaakt zal het nooit worden; uitvoerende afdelingen zullen altijd geconfronteerd worden met strijdige belangen in beleidsdoelen. De werkelijkheid is altijd gekleurd.
In elk geval zijn we met alle vier thema’s stevig aan de slag: duurzaamheid, kwaliteit, toekomstgerichte aanpak en slagvaardige samenwerking. Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en we zullen ze in 2010 verder versterken.’

algemeen direkteur dhr Sietsma